Het maken van mousserende wijn

Proces:

  1. De Basiswijn: Het maken van mousserende wijn begint met de productie van een basiswijn. Dit kan worden gedaan met verschillende druivensoorten, afhankelijk van het type mousserende wijn dat wordt geproduceerd (bijvoorbeeld Champagne, Prosecco, Cava, etc.). De druiven worden geoogst en geperst om druivensap te verkrijgen.
  2. Eerste Gisting: Het verkregen druivensap wordt in tanks of vaten geplaatst voor de eerste gisting. Tijdens dit proces zetten natuurlijke gistcellen of toegevoegde gisten de suikers in het druivensap om in alcohol en koolstofdioxide (CO2). Dit is een vergelijkbaar proces met het maken van stille wijnen.
  3. Bottelen: Zodra de eerste gisting is voltooid, wordt de basiswijn overgebracht naar afgesloten drukbestendige flessen. Hier voegt de wijnmaker een mengsel van suiker en gist (liqueur de tirage) toe aan de flessen. De flessen worden dan afgesloten met metalen kroonkurken.
  4. Tweede Gisting: Nu begint de tweede gisting, ook wel bekend als de “prise de mousse”. Door de toevoeging van suiker en gist in de fles ontstaat er een fermentatieproces dat koolstofdioxide produceert. Aangezien de flessen zijn afgesloten, kan de CO2 niet ontsnappen en lost op in de wijn, wat resulteert in de bubbels die kenmerkend zijn voor mousserende wijn.
  5. Rijping: Na de tweede gisting blijven de flessen enkele maanden tot jaren liggen om de wijn verder te laten rijpen. Deze rijpingstijd kan variëren afhankelijk van het type mousserende wijn en de gewenste stijl.
  6. Verwijderen van sediment: Na de rijping moet het sediment, gevormd door de dode gistcellen, uit de fles worden verwijderd. Dit proces staat bekend als “remuage” of riddling. Traditioneel werden de flessen in pupitres geplaatst (speciale rekken) en regelmatig gedraaid om het sediment naar de hals van de fles te laten zakken.
  7. Dégorgement: Zodra het sediment zich in de hals van de fles heeft verzameld, wordt de fles snel bevroren om een ijsprop te vormen. Bij het openen van de fles schiet de ijsprop, samen met het sediment, eruit door de druk in de fles. De fles wordt dan snel bijgevuld met een mengsel van wijn en suiker (dosage) om het verloren volume te compenseren en eventuele zoetheid toe te voegen.
  8. Afsluiting: Na het dosageproces wordt de fles afgesloten. Het afsluiten van mousserende wijn is een cruciale stap in het productieproces, omdat dit ervoor zorgt dat de bubbels in de wijn worden behouden en de fles luchtdicht wordt afgesloten om oxidatie te voorkomen. Er zijn verschillende methoden om mousserende wijn af te sluiten, afhankelijk van de stijl en de productiemethode.